November 2025
Drie maanden voordat Corona bij ons kwam, liet God (door woord en Geest) zien dat er een cyberoorlog komt, en een groot voedseltekort.
Achteraf gezien, na Corona, is dat heel logisch; want het virus heeft ons nauwelijks iets te zeggen gehad.
Het heeft Nederland niets geleerd, niet bij God teruggebracht. Dan veelal discussies over inenten en afstand houden.
Kerken namen zelf het initiatief om niet bij elkaar komen: om God te zoeken over het kwaad wat Hij (ten goede van ons!) gezonden had.
Dus zowel mensen die God niet dienen als velen die zichzelf Christenen noemen, weken verder af van Zijn geboden.
Ondertussen zijn in Nederland gruwelijke dingen en bloedschulden toegestaan, en is er nauwelijks besef van de ernst hiervan.
Corona heeft ons land op geen enkele manier terug bij God en Zijn wetten gebracht – leefregels die bedoeld zijn voor ons eigen welzijn.
Sinds dit jaar betoont God steeds duidelijker dat er een voedseltekort komt.
Nu zijn een progressieve partij en partijen die eveneens God niet zoeken en vrezen, de grootste geworden.
Een grote macht in een seculier land met een overheid die God aan de kant gezet heeft.
Bidt om eenheid, om te leven naar Zijn 10 leefregels. Om een terugkeer tot het Hem, tot het christelijke geloof.
Stop alsjeblieft niet, maar neem de tijd om dit hele stuk te lezen!
Ook wat er in de kerken en in Nederland plaatsvindt.
November 2019
Zes jaar geleden heeft de almachtige God bekendgemaakt dat er schaarste komt. Een groot tekort aan wat noodzakelijk is tot ons levensonderhoud. Want wij hebben Hem door onze schulden werkelijk woedend gemaakt.
Dat is niet alleen de overheid die een extreem zelfbeschikkingsrecht toestaat. Niet alleen de maatschappij waarin overspel normaal lijkt. Of het onderwijs aan jongens en meisjes dat zij hun geslacht kunnen kiezen. Maar wij die Gods Woord kennen, negeren Hem. En geven met onze woorden en daden duidelijk te kennen dat onze mening veel zwaarder weegt dan Gods mening.
Koning David schaamt zich, hij klaagt zichzelf aan bij God over zijn schuld. David zegt: "Tegen U alleen heb ik gezondigd, en gedaan, dat kwaad is in Uw ogen; opdat U rechtvaardig bent in Uw spreken, en zuiver in Uw oordelen".
De zoon van koning Salomo zegt tot het volk: "Mijn vader liet u veel belasting betalen, maar ik zal het nog veel zwaarder maken".
Daniel legt de droom uit van een koning die God niet kent, en die koning zegt: "Het is de waarheid, dat uw God een God van alle goden is, en de Koning van alle koningen. Hij maakt de geheimen openbaar, want daarom hebt u deze verborgenheid kunnen verklaren". Het was niet Daniël die dit wist, maar God, Die de tijden en het gehele wereldgebeuren overziet: want Hij had het bekendgemaakt.
Dit geldt nu ook voor Nederland. Want het is dezelfde God die spreekt ten goede van ons.
Maar mijn dagelijks gebed is of Hij geeft wat ik te doen heb. Niet ziende op mensen, maar op U alleen. En help mij Heere, ook ditmaal.
Oktober 2025
Nu is het zevende jaar ingegaan, nee dat is geen jaar ten goede van ons, maar ten kwade. Want wij bedrijven misdaden tegen God. Maken keuzes die tegen Gods leefregels ingaan, en hebben ons van Hem vervreemd. Door onszelf, door onze handelswijze die niet goed is. Onze daden zijn verre van goed en strijden tegen wat Hij van ons vraagt: ze zijn ronduit verkeerd en duister.
In Psalm 15 stelt David in het eerste vers een vraag aan de HEERE : wie zal bij U mogen wonen? Daarna volgt een opsomming van wie dat is: de oprechte mens die God vreest (eert en dient).
Met deze Psalm kon ik best meekomen: van valse fratsen ben ik wars, aan Gods wetten hecht ik grote waarde, ik spreek de waarheid en ik laster niemand en wil ook geen roddels horen. Als het nodig is verdedig ik anderen. Het volk van God heb ik lief. Ik zweer niet zomaar, en wat ik toezeg dat kom ik na – zelfs al zou het tot mijn schade of schande zijn. Mijn geld geef ik niet op woekerrente, en laat me niet omkopen. O, wat was ik oprecht en goed bezig, bijna een 'modelgelovige'.
Maar toen las ik Psalm 51. Dat sloeg naar binnen, want niet anderen, maar ik heb gezondigd en gedaan wat kwaad is.
Zo werkt de almachtige God: Hij geeft een opdracht. Maar om te voorkomen dat de mens denkt in zichzelf enige kracht of macht te hebben, liet Hij mijn zwakte zien en ervaren. Opdat ik op Hem hoop en van Hem al mijn verwachting is. God gaf mij even over aan mijzelf, en hoe goed ben ik dan in mijn eigen ogen. Maar als Hij mij op datzelfde dwaalspoor laat doorgaan, en ik lees Psalm 51, dan laat God zien dat ik ook Zijn regels overtreed. Hem woedend maak. Hem op het hoogste aantast in Zijn eer. En ons land geen uitkomst bied: ook ik ben Zijn boosheid wel dubbel waardig. Hij gaf opnieuw Ezechiël 22 te lezen, inzake het oordeel over Nederland. (Niet dat ik dat hoofdstuk welbewust opzocht, maar na mijn gebed tot Hem, sloeg ik het open.)
Vaak vrees ik voor wat mensen zullen zeggen of doen, en daarin is mijn eigenliefde groot. Maar de allerhoogste God maakte de noodzaak om het vonnis aan te zeggen, groter en sterker dan mijn eigen zorgen. En ik bid: O Heere, wil om mijn schuld, die wij toch allen hebben en erger maken, Uw volk niet vergeten, wil hen niet verlaten. Laat Uw goedheid niet van ons wijken. Help ons o God, laat ons niet bezwijken door de bloedschulden en de afschuwelijke zaken die in dit land plaatsvinden. Maar bouw Uw Kerk op. Geef ons allen een nederig hart over de schuld van ons land. Doe ons zo onszelf in liefde opofferen, want onze goedheid raakt niet tot U, maar tot de heiligen. Vergeef mijn zonden, zegen wat van U is. En blijf met ons, ook ditmaal Heere, ook ditmaal.
In ons land is een volk dat God vreest, eert en liefheeft. Meer dan in de omringende landen.
Mede dáárom stelt Hij ons als voorbeeld inzake het tekort.
Want er komt een dag, dat Hij alle volken, alle mensen zal oordelen.
Dan komt het definitieve vonnis over wat wij gedaan hebben, hetzij goed of hetzij kwaad.
Maak jouw eigen website met JouwWeb