Tijdens Corona was ik bij mensen, en we hadden natuurlijk erover gesproken en allerlei argumenten werden genoemd voor inenten enz., het precieze ervan weet ik niet meer. Maar na het eten sloeg ik de bijbel open bij Psalm 99, die las ik ook.
En ik zei hen ook dat hoewel het afschuwelijk is, het is de HEERE die regeert, en Hij is heilig en almachtig. Wie Hem navolgt, niet met woorden alleen, maar ook werkelijk met zijn daden, heeft niet te vrezen, want de Allerhoogste, de God van alle goden regeert en beschermt. Niet alsof het een soort afvinklijst is van goed te doen en maar met woorden te zeggen dat je een Christen bent. Want alleen Hijzelf kan ons helpen en leren de weg te gaan die Hij ons wijst. En nee, dat betekent niet dat ons niets overkomt, maar in de nood en de ellende van de tijd, helpt en ondersteunt en troost Hij. Want Hij is groot en veel hoger dan mensen, en Hij is alwetend en almachtig.
Heere, dat wij Uw grote en heilige Naam loven, en ook Uw sterkte waarmee U al onze vijanden verdrijft, want U hebt het recht lief. Dat geldt voor mijn vijanden, en dat geldt voor ons land waar U zoveel goed aan gedaan hebt. Nog laat U ons niet los, maar ik bid U; geef dat wij ons voor U buigen. Gelijk in vorige tijden ook in Nederland, Uw volk en kinderen, koningen en predikanten zich voor U bogen en U aanriepen, en U verhoorde hen. Ik bid U; doe naar Uw woord, omwille van Uw grote en heilige Naam die toch te prijzen en te loven is tot in alle eeuwigheid. Verheerlijk Uzelf, o onze God.
Het is waar wat er staat in deze Psalm, dat de Heere Zijn volk en kinderen verhoord, en voor hen is Hij altijd geweest een vergevend God, hoewel Hij ook aan hun zonden niet voorbijging, maar bestrafte.
Laten wij ons daarom buigen voor Hem in Zijn huis, want de Heere onze God is heilig. Ons land is heel ver weg, niet alleen door wat er speelt in de maatschappij, in de politiek, maar ook in de gezinnen en in de kerken.
Ook in de kerken wordt de almachtige en heilige God over het algemeen gediend naar eigen gedachten en ideeën, terwijl die niet naar Zijn woord zijn. Ook kerkelijke overheden handelen naar hun eigen inzichten, terwijl dat niet is naar het woord wat God ons gegeven heeft. Zij doen veelal gelijk Jezus openlijk tot het volk zei; hoort wel naar hun woorden, maar doet niet naar hun daden. Want de kerkelijke leiders zeggen wel de juiste dingen die gegrond zijn op Mijn woord, maar hun eigen handelswijze is er ver van.
Want leugen en bedrog speelt ook in de kerk, ook bij de voormannen van de kerken, volop een rol in hoe er omgegaan wordt met mensen met een ziel voor de eeuwigheid.
Maar wie merkt er op? wel, God merkt het op, en het geroep van degenen die tot Hem roepen heeft Hij gehoord. Hij regeert, en als een goed koning is Hij heel geduldig en roept tot ons allemaal door Zijn woord, om Hem te volgen. Te volgen in de leefregels ons ten goede gegeven. Maar zolang als God geduldig is, zolang meent de mens dat het wel meevalt en gaat door in goddeloosheid, in het doen van alles wat God verboden heeft. Totdat Hij het genoeg vindt, en Hij opstaat en handelt, ja afhandelt en ons overgeeft aan honger en gebrek, aan ziekte, aan al die dingen die niemand zich toewenst – en die een ander ook niet toe te wensen zijn. En dan nog heeft de almachtige God dit op het oog: dat wij al het kwade loslaten en Hem zoeken, en het goede doen wat goed voor onszelf en anderen is.
Daarom, zoekt Hem en geef Hem de eer door lofzangen en dankzegging, en buig je voor Hem neer in je huis, in de kerk.
In alles wat je doet, bedenk dat Hij God is en wij mensen zijn, want de Heere onze God is heilig.